Koningsspel

Benodigdheden: 1 tennisbal, meerdere spelers

Degene die als eerste het speelveld betreed is de Koning, en heeft de tennisbal. Het speelveld is verdeeld in vier vlakken. 3 speelvelden ( wisselende spelers ) met de nummers 1 t/m 3 en 1 koning. De koning gaat in het begin van het spel met één voet op de kwartronde cirkel op de hoek van zijn speelveld staan. Hij moet de tennisbal naar één van zijn 3 medespelers werpen, maar de tennisbal moet 1 keer stuiteren in zijn eigen speelveld. Zijn tegenstander moet dan proberen de bal te vangen.

Spelregels:

Heeft hij/zij in eerste instantie de bal niet gevangen, dan is deze af en moet er gewisseld worden. Men draait dan door. De koning blijft in zijn speelveld staan. Stel dat nummer 2 afvalt, dan schuift nummer 1 op naar nummer 2 en komt er een nieuwe speler in veld nummer 1. Ook de koning begint weer opnieuw met het spel.

Mocht het de tegenstander in eerste instantie lukken om de bal te vangen, dan mag deze speler de bal gooien naar de tegenstander. De werper hoeft nu geen gebruik te maken van de kwart ronde cirkel om te werpen, zoals in het begin de Koning wel moet. Men heeft dus het gehele speelvlak (bijvoorbeeld nr. 3) ter beschikking. De speler werpt nu weer de bal naar een tegenstander. Vangt deze speler de bal, dan werpt hij de bal weer naar de volgende tegenstander. Als deze deze speler de bal niet vangt, dan moet er weer gewisseld worden. De rest van de spelers schuiven door naar het volgende vak. Stel dat men de Koning als tegenstander kiest en deze de bal niet vangt, dan is deze af. De speler in veld nr. 3 zal nu de nieuwe Koning worden en de rest van de spelers moeten doorschuiven naar het volgende vak. In vak nr. 1 komt weer een nieuwe speler en begint het spel weer opnieuw.

Waar op te letten.

Let op: als men 4 keer de bal heeft gevangen in 1 spel, dan moet degene die de bal als laatste heeft gevangen de bal in de middencirkel werpen/stuiteren en bij diegene waar de bal in het speelveld terecht komt is af en er moet weer doorgeschoven worden.

Let op: men mag een tegenstander foppen door te doen alsof men de bal werpt en snel een nieuwe tegenstander uitzoeken. Ook mag de bal op ieder vlak vanaf de grond gespeeld worden.